Inzetten van COO in het onderwijs

From cpio
Jump to: navigation, search

In principe zijn de COO's altijd voor iedereen (dus ook zonder SolisID) beschikbaar via internet. De COO's werken op de pc's in de computerleerzalen, en in de bibliotheek. Voor gebruik op eigen computer geldt: alleen in Windows, alleen in Internet Explorer, en er moet een plug-in worden gedownload, dus zijn administrator-rechten nodig.

Computerleerzalen

Het meest efficiënt worden de COO's gebruikt als ze woden ingeroosterd in een computerleerzaal, en de studenten er in koppels aan werken. Om dit goed te laten verlopen is wel toezicht nodig!

De plug-in is in alle computerleerzalen geïnstalleerd en de COO's kunnen studenten dus overal op de Uithof doen (wel alleen in de Internet Explorer). Bij de vraag naar benodigde software die tegenwoordig vaak gesteld wordt door studentenzaken hoeft dit dus niet te worden genoemd.

Volg de volgende stappen:

  1. zaal reserveren (wees er vroeg bij!)
  2. controleren of de module nog op de site staat en naar behoren werkt.
    • Het controleren van de module is de taak van de docent!
    • Niet alleen de werking controleren, maar ook de inhoud! Klopt het gebruikte boek nog, zijn alle vragen nog relevant?
    • Niet tot het laatst uitstellen, want om eventuele verbeteringen door te voeren is ook tijd nodig. Doe dit uiterlijk 3 weken voordat de module gebruikt gaat worden!
  3. graag ook doorgeven aan het CPIO (cpio@uu.nl) wanneer je welke COO wilt gebruiken
  4. op de computerleerzalen bij biologie, en op het UCU moeten de COO's gewoon werken; bij het UMC moet je dit een behoorlijke tijd van te voren via een speciaal formulier aanvragen bij Guus Rol.
  5. controleren of alle studenten toegang hebben op de computerleerzalen. Alleen studenten van de Bètafaculteit kunnen daar inloggen.
  6. voor bijvakkers of studenten van een andere faculteit: zie hieronder

Procedure bijvakstudenten

Docenten geven van te voren aan voor welke cursus voor welke periode welke studenten van de faciliteiten gebruik moeten kunnen maken.
Zijn er ook cursisten die van buiten de UU komen en dus GEEN SolisID hebben, dan hebben we daarvoor gastaccounts.
Docenten dienen ook dat aan te geven.

Samengevat:

  1. Maak een lijstje met SolisID + naam van je niet-fsb studenten
  2. Geef aan tot wanneer je cursus loopt.
  3. Mochten er ook nog NIET-UU cursisten zijn, dan even aangeven hoeveel.
  4. Stuur dit naar Marcel Kramer (m.kramer@uu.nl).

Marcel stopt ze in een security-group die rechten geeft om van de Terminal Servers gebruik te maken. Daarna kunnen ze inloggen met hun eigen id en eigen solis wachtwoord.
Voor mensen buiten de UU activeert Marcel de gast-accounts en krijg je accountnamen en wachtwoorden toegestuurd.